Het weer in Dushanbe, Tajikistan
Het weer in Dushanbe
 Het weer in Khorog, Tajikistan
Het weer in Khorog



Geschiedenis

Tadzjikistan is ongeveer 3,5 keer zo groot als Nederland, maar is met bijna 7 miljoen inwoners minder dichtbevolkt. Het land grenst aan China, Afghanistan, Kirgizië en Oezbekistan. 93 procent van het land bestaat uit bergen waarvan zeker de helft meer dan 3000 meter boven het zeeniveau ligt. De belangrijkste rivieren die het land doorsnijden zijn de Syr Daria, de Pansj en de Amoe Daria, die uitmonden in het Aralmeer. De Amoe Daria en de Pansj vormen voor het grootste gedeelte de zuidgrens met Afghanistan. De bevolking bestaat voor bijna 80% uit Tadzjieken, 15% uit Uzbeken. Russen, Kirgiezen en overige bewoners uit de voormalige Sovjet-Unie completeren het geheel.
Oriental Empire 600 BC De Tadzjieken zijn een oud volk. De inwoners van het Pamir gebergte beweren de enige pure afstammelingen te zijn van de Arische stammen die 4000 jaar geleden India binnen vielen. Zonder schroom beweren zij tevens bloedverwanten van de Germanen en Saksen in Europa te zijn. Het gebied dat we nu kennen als Tadzjikistan is ooit het meest oostelijke gebied van het Perzische Achaemenidische Rijk (zesde tot de vierde eeuw voor Christus).
Alexander werpt dit rijk in de vierde eeuw omver en hij bouwt in het hedendaagse Khujand zijn meest verafgelegen vestiging Alexandria Eskate, Alexandria het meest afgelegen. Nadat dit rijk door Alexander de Grote in de vierde eeuw voor Christus wordt omvergeworpen maakt zuidelijk Tadzjikistan na zijn dood deel uit van het Greco-Bactrian koninkrijk. Het noordelijke gedeelte wordt onderdeel van het Soghdaanse rijk. Twee belangrijke steden in het huidige Noord-Tadzjikistan, Khujand (voorheen Leninabad) en Penjikent, als ook Bukhara en Samarkand in het huidige Uzbekistan behoren tot de Soghdanen. Als tussenpersonen op de zijderoute tussen China en de markten in het westen en zuiden delen de Soghdanen diverse religies zoals het boedisme, zoroastrianisme, Nestoriaanse Christendom en Manichaeisme met de handelaren. De Soghdanen hebben hun eigen alfabet en kunst. Van de eerste tot aan de vierde eeuw na Christus valt Tadzjikistan onder het rijk van de Kushanen die sterke culturele banden met India hadden. De spreiding van het boedisme onder de Soghdanen komt voor hun rekening. Het boedisme word door de Soghdanen weer verder verspreid naar China en de Turkse nomaden Alexander de Grote 324 BC

Chinese invloed

De Chinese Han dynastie ontwikkelt commerciële en diplomatieke banden met de Soghdanen in de eerste eeuw na Christus. Militaire operaties vergroten de Chinese invloed naar het westen toe. In de eerste eeuwen van onze jaartelling is de invloed van Chinezen op de Soghdanen onderhevig aan schommelingen. Na de islamisering daalt de invloed scherp maar verdwijnt echter nooit helemaal. In het eind van de negentiende eeuw probeert China aan te tonen dat het recht heeft op het Pamir gebergte in het zuidoostelijke gedeelte van Tadzjikistan, maar de Russen zijn hen voor. Nu na het uiteenvallen van de Sovjet Unie probeert China bij tijd en wijlen aanspraak te maken op het berggebied wat volgens hen al eeuwen tot Chinees gebied gerekend behoort te worden.

Islamitische verovering
Vanaf het begin van de 8e eeuw veroverden de islamitische Arabieren de regio. Mensen bekeren zich tot de islam als gevolg van een beloningssysteem ingevoerd door de overwinnaars, maar ook door geweld en door acceptatie veranderen ze van religie. De islam verspreidt zich het snelst in de steden en riviervalleien. In de negende eeuw is het al de meest voorkomende godsdienst in de hele regio. In de eerste eeuwen van de islamitische dominantie fungeert Centraal-Azië nog steeds als het commerciële kruispunt tussen het China, de noordelijke steppen en het Islamitische achterland.

De Perzische cultuur in Centraal-Azië
De Perzische invloed op Centraal-Azië was al prominent voor de islamisering maar wordt nog sterker daarna. Onder het laatste niet islamitische Perzische rijk, de Sassanieten, was de Perzische taal, cultuur en het zoroastriaanse geloof wijd verspreid over de bevolking in Centraal-Azië, zo ook over de voorvaderen van de huidige Tadzjieken. Ten tijde van de islamitische veroveringen vestigen meer en meer Perzisch sprekende zich in Centraal-Azië waar zij een actieve rol spelen in het publieke leven en verspreiden zo hun taal en cultuur.

De Samaniden
Direct na de komst van de islam komt het Samanidische Rijk (875-999) in opkomst. Het zijn ook de Samaniden die een grote rol spelen bij de ontwikkeling van een moderne Tadzjiekse nationale identiteit. Het gebied strek zich van de zuid westkust van de Kaspische zee tot aan het hedendaagse Uzbekistan, Iran, Tadzjikistan en grote delen van Kazakstan, Kirgizië en Afghanistan. De Samaniden laten de geschreven Perzische taal herleven nadat het eerst had plaats gemaakt voor het Arabisch. Bukhara wordt bekend als het centrum van kennis in het oostelijk gedeelte van de Perzisch sprekende wereld. De pre-islamitische cultuur herleeft en wordt zodoende bewaard. Aan het eind van de tiende eeuw komen de Samaniden onder toenemende druk van Turkse volkeren vanuit het noorden en zuiden. (De Turken hebben hun origine in Mongolië) Nadat de Samaniden in 999 omver gegooid worden door de Turken zal er nooit meer een groot Perzisch rijk gevormd worden in Centraal-Azië
Opgravingen Pendjikent uit
9e Eeuw

De Turkse nomaden en Perzen beïnvloeden elkaar op cultureel gebied onder meer door uithuwelijking. In het zuidelijke gedeelte van Centraal-Azië vestigen zich veel nomaden permanent, ze bekeren zich tot de islam en nemen de Perzische taal over Tussen de 11e en 15e eeuw wordt het toekomstige Tadzjikistan afwisselend beheerst door Turkse of Mongoolse staten, onder meer door Gengish Khan en Timur of Tamerlane. De Perzische taal blijft in gebruik bij de locale autoriteiten, in de literatuur en in de opleidingscentra. Aan het begin van de 16e eeuw veroveren de Uzbeken grote gedeelten van Centraal-Azië. Al valt hun rijk al snel vrij uit elkaar. Het huidige Tadzjikistan is aan het begin van de 19e eeuw verdeeld over drie staten. Het Uzbeekse Bukhara Khanaat, het Kokand Khanaat in de Fergana vallei en het Afghaanse koninkrijk.

Russische invloed
Vanaf het eind van de negentiende eeuw komt Centraal-Azië onder Russische invloed. Groot-Brittannië, vanuit India, en het Russische rijk probeerden al eeuwen door middel van allerlei politieke intriges de regio in handen te krijgen. Deze periode van politieke strijd tussen beide grootmachten wordt ook wel “The Great Game”genoemd. Lokale heersers mogen op hun troon blijven zitten maar de Russen hebben het militair voor het zeggen. Het duurt ruim tien jaar voordat de Bolsjewieken na de Russische revolutie in 1918 Tadzjikistan hun greep kregen. In de tien jaar durende oorlog vluchten 200.000 Tadzjieken naar Afghanistan.
In maart 1925 wordt er een Tadzjiekse Autonome Sovjetrepubliek gevormd binnen de Uzbeekse Socialistische Sovjet Republiek, maar het duurt tot december 1929 voordat de Tadzjiekse Socialistische Sovjet Republiek opgenomen wordt als unie-republiek binnen de Sovjet-Unie. De Communistische Partij van Tadzjikistan (KPT) heeft sindsdien de macht en is onderdeel van de Communistische Partij van de Sovjet-Unie. Russisch wordt de officiële taal en het cyrillisch schrift wordt ingevoerd. Russische immigratie wordt aangemoedigd en honderdduizenden Russen verhuizen naar Tadzjikistan. De katoenteelt komt in opkomst, wegen worden aangelegd en over het algemeen leven de mensen in Tadzjikistan ver van Moskou een rustig leven in een republiek die financieel voor 80% afhankelijk is van geld uit Moskou Lenin
Lenin

Onafhankelijkheid
In september 1991 valt de Sovjet Unie uit elkaar en verklaart Tadzjikistan zich samen met de overige Sovjet republieken onafhankelijk. In augustus 1992 breken in Dushanbe gevechten uit tussen communisten en fundamentalistische moslims, waarbij bijna 200 mensen worden gedood. Op 31 augustus dringen de moslims in het presidentiële paleis door en dwingen de president tot aftreden. In september slaat de strijd over naar het zuiden en ontaardt in een burgeroorlog die ruim 5 jaar zal duren. Bijna honderdduizend mensen komen om en er zijn meer dan 1 miljoen vluchtelingen. Met steun van troepen van het GOS (Gemenebest van voormalige Sovjet Unie) worden de fundamentalisten in de hoek gedreven.

Op 27 juni 1997 tekenen president Rachmonov en rebellenleider Noeri in Moskou een vredesverdrag, waarmee een einde komt aan een burgeroorlog. De soldaten van de Verenigde Tadzjiekse Oppositie worden geïntegreerd in de reguliere Tadzjiekse strijdkrachten. Verder wordt een derde van alle overheidsposten gereserveerd voor leden van de moslim-oppositie. Vanaf 1998 krijgt de Tadzjiekse overheid langzaam maar zeker weer grip op het land. Criminele groeperingen worden of hardhandig uit de weg geruimd of hun leden worden voor lange tijd achter de tralies gezet. Rakhmonov

Somoni De bevolking durft weer vrij te ademen. Een nieuwe munt, de “Somoni”, naar de Samanidische voorvaderen,wordt geïntroduceerd en vooral in de steden groeit de economie. Toch leeft nog steeds 80% van de bevolking onder het bestaansminimum. Beelden van Somoni worden opgericht om Tadzjikistan een eigen identiteit te geven. Via een referendum wordt in 2003 besloten dat President Rahmonov eventueel nog tweemaal zeven jaar mag regeren, zijn huidige regeerperiode eindigt in 2006. Bij de laatste parlementsverkiezingen in 2005 wint de zittende partij van Rahmonov met overweldigende cijfers, alhoewel internationale waarnemers van fraude spreken zijn er vanuit de bevolking weinig oproepen tot protest.